Zaterdag 4 december Teerfeest brandweer. “Het brandweer ?”

zat, 04/12/2010 - 12:00

“Het brandweercorps vroeg, zoals ieder jaar om met hen rond te trekken met hun teerfeest.  Die dag was het precies of wij zaten aan de Noordpool, het kan ook de Zuidpool geweest zijn.  Het verschil is op de één leven pinguïns   en op de ander niet.  ’t Was geen weer om een gewone hond door te jagen, alleen eskimo’s-honden of hoe noemt men die honden die een slee voort trekken ?  Wel wij voelden ons ook zo’n dieren, de muzikanten waren de Husky’s en de brandweermannen waren de arrenslee. 

We besloten het er toch op te wagen om op straat te spelen, weliswaar met een select gezelschap: de harde kern van de sjostijt.  Eerst naar ons lokaal de Lux.  Daar kregen we versterking van een pompier die de roskes  zou dragen en slagen.  Hij sloeg er nogal op los.  Hij was zo sterk als een paard ?  Van de Lux naar het duivenlokaal, waar een muzikant, hij was aan’t water drinken (was dat wel enen van de fanfare ?) wat kritiek had op de bazin die antwoordde : “zeg, zodde gij geen bier drinken, dan spreekte misschien wat fatsoenlijker !”.  Van ’t duivenlokaal naar Ter Voncke.  Daar speelden we dat de vonken er af vlogen, daar in’t vroeg van de namiddag riepen de pompiers op verzoek “Wat doede gij hier zo laat in den avond ?”.  Na ons hoeveelheid vocht ingenomen te hebben (geen water), trokken we naar de Kluis.  Daar werden helaas de pompiers van wacht opgeroepen voor een ongeval of een ondergelopen kelder, dat wist ik niet.  Maar toen de pompier ter plaatse kwamen werd er een alcohol geur waargenomen.  Alles werd ontruimd !  Als we uit de Kluis kwamen was het al laat en moesten er een paar muzikanten naar huis.  Zogezegd voor een feestje.  Volgens de overge-bleven muzikanten hadden die een “koa wijf”.  Dus op straat konden we niet meer spelen en zijn dan met stille trom naar het Klokkenspel geschoven.  Daar hebben we nog wat herrekes gespeeld mee’t volk da me waren.  Alleman had nog veel bonnetjes.  Die hebben we op een hoop gesmeten en opgedronken.  Van daar zijn we dan (“goe loecht”) naar huis gegaan.  Thuis heb ik aan de zijdeur nog een Sinterklaas liedje gespeeld voor men vrouw.  Nog goe gegeten en daarna in’t slaap gevallen voor de TV.  P.s. het was een vermoeiende dag, maar ook een muzikale plezanten dag !” 

Snorreke.